Categoriearchief: Uncategorized

Andere tijden: het drama van Hellum (1963)

Met de zachte winters van nu (op het moment van het schrijven van de nieuwsbrief, 8 januari 2023 is het buiten 11 graden boven nul).

De redactie werd getipt over het programma Andere tijden, met daarin het verhaal: Het drama van Hellum. De hele tekst vind je hier terug

Het Drama van Hellum

Het ijs eist levens
Op 23 december 1962 schaatsen twee vriendjes ’s middags over het Hellumsterkanaaltje. Nauwelijks breder dan een sloot loopt deze vaart van het dorpje Hellum naar het Schildmeer. Het zijn de bijna 12-jarige Lammert Meijer en de iets oudere rossige Geert Kleefman. Er zijn veel mensen op het ijs. Om kwart voor vier worden ze gezien door Johannes Haan en zijn verloofde Tjaaktje Meijer, de oudere zus van Lammert. De jongens willen over het Schildmeer naar Steendam schaatsen. Johannes en Tjaaktje zeggen dat ze dat beter niet kunnen doen, omdat ze dan niet voor het donker terug zijn. En in het donker is het gevaarlijk schaatsen; het Schildmeer kent nog tal van zwakke plekken in het ijs. Volgens Harm van Delden, inwoner van Hellum, was het ijs niet te vertrouwen, omdat de bodem van het Schildmeer uit hoogveen bestaat. Door de gassen die steeds vrij komen, is het ijs bros. Bovendien is er nog regelmatig scheepvaart op het meer. Maar de jongens zijn eigenwijs en schaatsen verder het meer op.

Als rond een uur of zes de jongens nog niet terug zijn, worden de ouders van de jongens ongerust. Jan Meijer, de vader van Lammert en Johannes Haan, verloofde van Tjaaktje en aanstaande schoonzoon van Jan Meijer gaan op zoek naar de jongens. Op de fiets rijden mee Harm van Delden, een goede bekende van Johannes, en Eisso Kleefman, de oudere broer van Geert. Als Johannes en Jan bij het Schildmeer komen, bindt Jan zijn schaatsen onder en vraagt Harm op zijn fiets te letten. Dan schaatsen de twee het meer op met alleen het licht van een zaklantaarn. Al roepend houden ze contact met Harm en Eisso aan de kant. Na een paar minuten horen ze geschreeuw en blijft de lamp liggen. Omdat Harm niet bekend is op het Schildmeer besluit hij hulp te gaan halen bij Remminga, die bij het sluisje van het Hellumsterkanaaltje woont. Zelfs met een ladder komen van Delden en Remminga niet bij Jan en Johannes die door het ijs zijn gegaan. Het ijs is te dun en zij dreigen ook door het ijs te zakken. Eisso is ondertussen teruggefietst naar Hellum, waar zijn vader en moeder het plaatselijke café bestieren.

In het latere politierapport verklaart Eltje Remminga: “Van enig leven in het wak hebben wij niets bespeurd. Wij zijn toen teruggegaan en hebben tegen van Delden gezegd dat hij zo vlug mogelijk naar Hellum terug moest gaan om de politie te waarschuwen. Mijn zoon en ik hebben daarna nog een keer geprobeerd om bij het wak te komen, doch het was onbegonnen werk, want wij gingen steeds met de ladder door het ijs.” Harm fietst terug naar het dorp en slaat alarm. Samen met politie en leden van de vrijwillige brandweer gaat Harm ’s avonds tegen tien uur terug naar het Schildmeer. Na een zoektocht van vele uren vinden ze maandagmorgen vroeg Jan en Johannes. Ze bleken door het ijs gegaan te zijn waar de dag daarvoor nog twee schepen gevaren hadden. Het polshorloge dat Jan Meijer droeg was stil blijven staan op 6.50 uur.

Met de inzet van veel vrijwilligers wordt daarna de zoektocht ingezet naar de twee vermiste jongens. Systematisch worden alle sloten en kanalen afgezocht. De politie zoekt met een vliegtuig van de vliegbasis Leeuwarden het Schildmeer af naar wakken. Op aanwijzing uiteindelijk van twee jongens uit Hellum die zondagmiddag nog open water hadden gezien op het meer wordt er op de aangegeven plek in een nieuwe laag ijs de muts en een handschoen van Lammert Meijer gevonden. Rond zes uur in de avond van de maandag de 24e december wordt het lichaam van Geert Kleefman opgedregd op zo’n 60 meter vanaf de zuidkant van het meer. Ondanks verwoede pogingen lukt het die avond niet meer om het lichaam van Lammert Meijer te vinden. De volgende dag wordt om 9.30 uur de zoekactie hervat. Om kwart voor elf wordt met een dreg een jongenslichaam naar boven gehaald. De jongen wordt door meerderen herkend als Lammert Meijer.

In de dagen van rouw die volgen toont het dorp een grote saamhorigheid. De grootse viering van kerstmis en oud en nieuw blijft achterwege. Iedereen leeft mee en bereidt de begrafenis mee voor waar mogelijk. De kisten met de slachtoffers staan eerst bij de families thuis. Op zaterdag, de dag van de begrafenis, staan ze alle vier opgebaard in de lagere school van het dorp. De jongens liggen er heel vredig bij, alsof ze alleen maar slapen, herinnert mevrouw Kleefman zich. Via luidsprekers kan de dienst gevolgd worden in café Hansen, in de wachtkamer van tandarts Barels en in de leerkamer van de pastorie van de Hervormde kerk. Onder overweldigende belangstelling wordt de laatste eer aan de slachtoffers bewezen. Het Nieuwsblad van het Noorden schrijft op 31 december 1962: “Zwijgend nam men na de korte tocht plaats rond de graven. Indrukwekkend was de stilte, die nog werd vergroot, doordat de mist boven de witbesneeuwde velden alle geluiden temperde. Alleen het zwak gebrom van een hoog overvliegend vliegtuig en het scherpe gekras van een kraai in de bomen, mengde zich bij het stemgeluid van ds. Brinksma, toen deze de geloofsbelijdenis uitsprak en Openbaringen 21 en 22 voorlas. Van heel ver klonken stemmen van kinderen die zich vermaakten op het ijs.”

Hieronder vindt u de persoonlijke verhalen van enkele betrokkenen rond het drama van Hellum:

Tjaaktje Meijer
Tjaaktje is in december 1962 18 jaar oud en staat op het punt om te trouwen met Johannes Haan, die ook wel Joke Haan wordt genoemd. Ze hebben elkaar leren kennen toen zij op de meisjesvereniging zat en hij op de jongensvereniging. Johannes en Tjaaktjes vader konden fantastisch met elkaar overweg. Zij voetbalden allebei bij SGV (Schildwolder Gymnastiek Vereniging) en gingen naar alle wedstrijden van hun club. Het huisje dat Joke had gekocht in Schildwolde had hij samen met zijn schoonvader helemaal opgeknapt.

Op de bewuste dag dat de twee jongens verdwenen hadden Joke en Tjaaktje nog tegen hen gezegd die middag dat ze niet het meer op moesten gaan, omdat het al donker begon te worden en dat zou te gevaarlijk zijn. Later als de jongens niet terugkomen gaan Tjaaktje’s verloofde en vader op zoek naar haar broertje en zijn vriendje. Terwijl een zenuwslopende avond begint, blijft ze thuis bij haar moeder en haar grootouders. Omdat de twee mannen ook niet terugkeren wordt er een grootscheepse zoekactie op touw gezet. Later als ze die avond met haar opa naar de brug loopt in het dorp en over het Hellumsterkanaaltje kijkt in de richting van het Schildmeer, zegt ze: “Dit wordt een ramp, dit wordt een ramp”. In de verte ziet ze de lichten van de reddingsploegen die alles doen om de vier vermisten terug te vinden. Ze loopt met haar muts en haar kraag op om maar niet herkend te worden door dorpsgenoten en zo pijnlijke vragen van hen te vermijden. De volgende ochtend komt agent Seidel uit Steendam het trieste nieuws brengen.
Op de vraag hoe Tjaaktje reageerde op het ontijdige bericht over haar dierbaren zegt ze: “M’n moeder en ik werden helemaal hysterisch. In de vijf dagen tot aan de begrafenis kwam dagelijks de huisarts langs om ons injecties te geven om rustig te worden..”

Nu 40 jaar na dato leeft ze nog steeds gebukt onder de gebeurtenissen van toen. Vooral de december weken zijn zwaar. Twee jaar na het gebeurde trouwde Tjaaktje wel. Bij haar nieuwe man heeft ze geleerd het van zich af te praten. Maar op zijn vijftigste iemand is hij haar ook ontvallen. Nu leeft ze samen met Arend Pot die uit het buurdorpje Siddeburen komt.

Eisso Kleefman en moeder Harmke Kleefman – van der Schuur
Eisso Kleefman weet nog dat ze aan het begin van de zoektocht langs de boerderijen gingen om te vragen of de jongens daar misschien waren. Ook alle zijslootjes van het Hellumsterkanaal werden doorzocht. Daarna begon eigenlijk pas de echte zoektocht waarbij Eisso samen met Harm van Delden, Jan Meijer en Joke Haan meefietste.

Geert, een rossig jongetje, was de oogappel van zijn opa. Hij leek in veel opzichten op hem en was ook naar hem vernoemd. Na het drama had de moeder van Geert geen aardigheid meer in het café dat ze runde en daarom werd er besloten om het te verkopen. Ze zijn toen verderop in het dorp in een oude molen gaan wonen. Vandaar uit hadden ze ook geen uitzicht meer op de begraafplaats.

Eisso en z’n moeder spreken nog regelmatig over de gebeurtenissen van toen; hoe anders zou hun leven verlopen zijn als ze allemaal nog geleefd hadden. Eisso kan er nog boos om worden dat hij het nooit zal weten. In een vlaag van woede heeft hij daarom een paar jaar terug de geluidsopnamen die hij nog had van z’n broertje weggegooid. Nu heeft hij niets meer dat nog aan z’n broertje herinnert. Behalve nog een paar foto’s bij zijn moeder op de kast.

Moeder Kleefman heeft een aantal jaren na het verlies van Geert opnieuw het leven geschonken aan een zoon. Deze is wederom naar zijn opa vernoemd en heet dus ook weer Geert.

Nadat het café verkocht is, heeft er een disco in het pand gezeten, maar die is een aantal jaar geleden afgebrand. De oude lagere school van de kinderen is er nog wel. Vanuit hier zijn toen de vier slachtoffers begraven.

Harm van Delde
Harm van Delden zat al sinds z’n veertiende op de grote en kleine scheepvaart. Vanwege de vorst had hij in de winter van 1963 een paar weken vrij en logeerde bij zijn ouders. In het dorp kende hij iedereen.

Hij herinnert zich leeftijdsgenoot Johannes Haan als een lange slungelige jongen. “Zwaaiend met zijn armen en benen bewoog hij zich merkwaardig voort. Behalve als hij hard ging lopen of schaatsen dan veranderde zijn lijf in een strakke organisatie.” Dat Eisso Kleefman, het oudere broertje van Geert Kleefman, meeging met de zoektocht kan hij zich niet herinneren. Harm vertelt dat toen duidelijk werd dat de jongens Geert en Lammert waren omgekomen, Geerts grootvader vertwijfeld reageerde en met zijn hoofd tegen de muur bonkte.

Harm van Delden woont al een kleine 23 jaar in Amsterdam. Sinds het overlijden van zijn vader heeft hij een hele tijd in onmin geleefd met zijn familie en was niet meer teruggeweest naar Hellum. Twee jaar geleden stonden plotseling op een zondagochtend zijn moeder en zijn zuster bij hem voor de deur. Vanaf die tijd spreken Van Delden en zijn moeder elkaar weer geregeld.

Tekst en research: Hans van Dijk
Regie: Godfried van Run

Toukomst: eerste zeven projecten van start (twee van Steendammers)

Joke Dallinga

Ruiterroute omgeving Schildmeer
(bijdrage: € 32.000)

In de omgeving van het Schildmeer wordt met gebruik van het fietspadennetwerk een ruiterroute aangelegd. Initiatiefneemster Joke Dallinga is er blij mee: “We hebben hier een fantastisch fietsnetwerk, maar voor ruiters is er niets. Te gevaarlijk, vanwege voorbijkomend verkeer. Met deze ruiterroute creëren we een veilige weg voor ruiters en hun paarden in een prachtige omgeving. Mooie bijkomstigheid is dat we vanuit dit pad kunnen doorsteken naar andere plekken in de provincie, zoals Noord-Groningen, waar ook een prachtig natuurgebied ligt. Hopelijk is deze pilot de aanzet om door heel Groningen ruiterpaden te creëren. Het lijkt me heerlijk om samen met mijn paard een paar dagen door de provincie te trekken.” Naar verwachting is de ruiterroute in het voorjaar van 2023 klaar.

Rudi van Oosten

Groen-witte sloepenplan
(bijdrage: € 151.500)

Met het Groen-witte sloepenplan komt ook varend Groningen aan zijn trekken. Inwoners en bezoekers kunnen straks met elektrische sloepjes van de ene naar de andere bijzondere plek varen. Ondernemer Rudi van Oosten is één van de initiatiefnemers: “We hebben in Groningen heel veel water, maar we doen er zo weinig mee. Met dit plan maken we het vaargebied in Groningen leuker én vriendelijker voor toeristen. Dit doen we naast de duurzame sloepjes met een netwerk van laadpalen, een goede infrastructuur en een optimale brugbediening. Samen met andere ondernemers creëren we meerdaagse arrangementen. Zo vaar je straks van een stadje, naar een museum, een dorp, restaurant en vervolgens naar een heerlijke slaapplek, zoals een B&B, camping of hotel. We maken met dit plan niet alleen ons vaargebied interessanter, maar geven ook ondernemers een boost. Hoe mooi is dat?” De eerste negen sloepen gaan in 2023 te water. Het project start in het gebied rondom Appingedam, het Schildmeer en het Zuidlaardermeer. De initiatiefnemers hopen dat het project daarna uitgebreid kan worden naar de rest van Groningen.

De InnovatieWerkplaats (IWP) Groeningen: Kansen voor onze regio !

Wellicht is het sommigen inmiddels wel bekend, maar in Kunst en Cultuurhuis De Ent in Hellum is sinds eind 2021 ook de IWP-Groeningen neergestreken. Het IWP is een initiatief van de Hanzehogeschool om het beroepsonderwijs op een vruchtbare en praktische manier te verbinden met de uitdagingen die er in het gebied van vestiging spelen. Studenten kunnen zich – onder begeleiding van docenten – werpen op (onderzoeks-)vragen die vanuit het gebied worden aangereikt. Dat kan door bijv. ondernemers(verenigingen), sportverenigingen en ook dorpsbelangenverenigingen. Studenten aan docenten van andere beroepsonderwijsinstellingen kunnen via de IWP worden betrokken, zoals Terra, Noorderpoort en Alfa.

De inzet is om de IWP voor een langjarig verblijf – 10 jaar of langer – in het gebied te hebben/houden. Daarvoor zijn goede afspraken en goede samenwerking met de gemeente nodig, daarvoor worden nu sluitende afspraken gemaakt.

Als (gezamenlijke) dorpsbelangenverenigingen van de 6 Schildmeerdorpen (Hellum, Schildwolde, Overschild, Tjuchem, Siddeburen, Steendam) werken we al goed samen met de IWP en die samenwerking zal wat ons betreft nog veel intensiever worden. Inmiddels zijn zo’n 10 studentengroepjes aan de slag met een diversiteit aan onderwerpen, o.m. energietransitie en verduurzaming, recreatie en toerisme, winkels en andere voorzieningen, creatieve bouwsels op het Kultuureiland en het Toukomstproject De Barst.

Op zaterdag 29 oktober zijn 20 gemeenteraadsleden en 2 wethouders op bezoek geweest om geïnformeerd te worden over ‘wat er leeft’ in ons gebied. Met een busrondreis langs de 6 dorpen, incl. een boottocht over het Schildmeer van Steendam naar de (destijds afgesloten, in onderhoud zijnde) Groevebrug zijn de ‘reizigers ondergedompeld’ in ons mooie gebied. Een gebied dat nog meer bevruchtende aandacht vraagt met het oog op blijvende leefbaarheid in de toekomst, ook voor jongeren!

Jullie zullen vanaf nu vaker – via de eigen dorpsvereniging of het gezamenlijke 6D-initiatief – horen over de ontwikkelingen.

Binnenkort volgt in ieder geval informatie over het project ‘NPG project dorps en wijkplannen’ van onze gemeente Midden-Groningen. Met de 6 dorpen is afgesproken om hier met het eigen dorp over aan de slag te gaan, maar wel op een zodanige manier dat de uitkomsten ook met elkaar kunnen worden verbonden. Dit om te komen tot een gebiedsvisie. Van de gemeente hebben we recent het bericht ontvangen dat we begin 2023 hiermee kunnen beginnen en er ook middelen ter beschikking worden gesteld. Wordt vervolgd dus. En we rekenen alvast op jullie medewerking.

 

Verslag bijeenkomst de Barst op 24 september 2022

Dorpsbijeenkomst Steendam Haalbaarheidsonderzoek De Barst

24 september 2022

Ca. 30 aanwezigen

Helaas is vormgever Harm Naaijer verhinderd door covid-bestemming. Jos Thie neemt de aanwezigen met een beamerpresentatie mee door het verslag van het haalbaarheidsonderzoek. Dit Barstverslag (+ bijlagen) is medio deze week in digitale vorm verspreid onder alle inwoners van Steendam.

In voorliggend korte verslag van de dorpsbijeenkomst worden de opmerkingen weergegeven die vanuit de bewoners zijn gemaakt.

 

De door de meerderheid gedragen conclusie was:

  • Uit vele monden klonk waardering voor het project: mooi, uitdagend, interessant etc.
  • Locatie stuit op veel tegenstand. In plaats van de voorgestelde locatie in Steendam worden er een aantal alternatieve locaties aangedragen zoals het Kultuureiland of Delfzijl (strand-kom).
  • Grote bedenkingen / terughoudendheid ten aanzien van de omvang (5.000 plaatsen) van dit project, zowel qua logistiek als haalbaarheid.

 

De vragen opmerkingen – geclusterd – op rij:

  • Er kwamen veel bedenkingen over het aantal bezoekers waar men op mikt. Enerzijds langs de lijn: ongeloof in een dermate grote belangstelling, anderzijds met de ‘aanslag’ op de infrastructuur/wegen/parkeerbehoefte. Er is gerefereerd aan de recente voorstelling ‘Hollands Hoop’ bij Overschild. Dat was ook grootschalig theater, met 1.000 bezoekers per voorstelling en 22.000 in ruim een maand. Gebleken is dat het gebied (en de infra) dat aan kan, met als kritische factor de logistiek van het parkeren. Verder is dat evenement gerealiseerd zonder (hoorbaar?) kritische noten vanuit de directe omgeving.
  • Bewoners wonen in Steendam voor de rust, de natuur en de ruimte. Daar wordt met “de Barst” een enorme inbreuk op gedaan. Meerdere bewoners hebben langs die lijn een brief gezonden aan de initiatiefnemers.
  • Velen hebben zorgen over de verkeerssituatie bij realisatie.
  • Er worden ook zorgen geuit over de invloed op de dierenpopulatie. Dieren zijn al zo verjaagd door diverse eerdere ontwikkelingen (o.a. het kappen van bos, golfbaan). Al het dierenleven is daar verdwenen.
  • Zorgen over de impact op het Schildmeer en directe omgeving. Kenmerk is de vlakheid en die wordt nu doorbroken met een heuvel van 15 à 20 meter hoogte. En dat terwijl de goothoogte van (sommige) gebouwen al te hoog is.
  • De voorgestelde locatie staat voor het publiek en het toneel ongunstig op de wind. De windrichting (west) overheerst in ons gebied (300 dagen per jaar). Het kan behoorlijk ‘spoken’, juist ook aan de geopperde zijde van het Schildmeer.
  • Is er – ook in het perspectief van voorgaand windpunt – al aan Delfzijl als locatie gedacht (bijv. de strandkom). De wind is daar aflandig en er is goede bereikbaarheid met openbaar vervoer.
  • In het perspectief van de (te grote) schaalgrootte wordt ook het idee van West 8 aangehaald (2.000 bezoekers).
  • De ingreep op / aantasting van het landschap is blijvend.
  • Het verslag oppert een in de tijd ‘geleidelijke groei’ van het project. Vraag is of/hoe daar in het exploitatieperspectief onderzoek naar is gedaan (Wat is de consequentie als er na realisatie van een deel ’bewijs/bedenkingen’ groeien over de ultieme haalbaarheid. En hoe kun je überhaupt een dergelijk project in delen opbouwen?)
  • Zijn er door de gemeente vragen gesteld c.q. voorwaarden verbonden aan aanpassing van de infrastructuur (druk op wegennet, parkeren …)? De gemeente lijkt slechts aandacht te hebben gevraagd voor draagvlak bij de bewoners en wil (uiteraard) niet het risico lopen belast te worden met financiële aansprakelijkheid, zowel wat betreft de bouwinvestering als de exploitatie door de jaren heen.
  • Wat betreft het verkeer, de brug over het Afwateringskanaal is enkelzijdig. Dat leidt nu al af en toe tot een bottleneck in de doorstroming. Doordat er maar uit 1 richting auto’s over de brug kunnen zal er aan beide zijden van de brug sprake zijn van wachtende auto’s met draaiende motoren. In meervoudig opzicht geen gezonde situatie voor Steendam. Het onderzoek van Royal Haskoning / DHV lijkt hier niet op in te spelen.
  • Er zijn aarzelingen/bedenkingen bij het ‘spelen op het sentiment van de Groninger’ met deze blijvende markering van het gastijdperk.
  • Bij de eerste presentatie was er weliswaar applaus, maar dat was meer als dankuiting aan de presentatoren dan uit waardering voor het project. Velen zaten met de mond vol tanden: hoe moeten we dit plaatsen? wat komt er nu op ons af?
  • Er wordt gevraagd naar samenwerking met het Kultuureiland Damsterplas.
  • Zijn de initiatiefnemers bekend met de vorig jaar tot stand gekomen Gebiedsvisie Tjuchem-Steendam-Schildmeer? Daarin is tussen beide dorpen een landschapspark getekend, met afschaling van de Hoofdweg. Dat lijkt zich niet te verhouden tot wat er in het verslag is opgenomen m.b.t. de ‘upgrading’ van de Hoofdweg en de aanleg van het landschapspark aan de oostzijde van heuvel De Barst.
  • Het decor / de theatervoorstelling vindt plaats aan de waterzijde van de dijk langs het Schildmeer. Die dijk is recent door het Waterschap versterkt uit (klimaat)veiligheidsoverwegingen. Vormt de dynamiek rond het project geen aantasting/verzwakking van de versterkte dijk?
  • De parkeerplekken komen in het landschapspark aan de overkant van de Damsterweg. Wat blijft er dan over van/voor het landschapspark?
  • Het landschapspark kan hooguit dienen als fourageerplek voor weidevogels. Maar alles beter dan raaigras.
  • De verkeerssituatie op de Damsterweg is nu al gevaarlijk. Hoe gaat dit straks?
  • Er zijn veel betere mogelijkheden voor De Barst ten zuiden van het Schildmeer bij de Damsterplas. Daar is meer ruimte voor ontsluiting (Geerlandweg / N33), parkeren, aansluiting op gaslocatie als die gaat sluiten.
  • Jos Thie noemde in zijn presentatie het jaar 2028 als wellicht een mooi moment voor het eerste evenement/productie. Dat jaar wordt door ‘Den Haag’ steeds genoemd als jaar dat deversterking zal zijn afgerond. Dit wordt door aanwezigen gepareerd met: het is niet realistisch te denken dat de versterking dan klaar is.

 

Dorpsvereniging Steendam,

 

Phyl Hoogeveen

Fred Mahler

 

 

 

Brief aan wethouder: belangrijke, zorgelijke ontwikkelingen in Steendam

Met onze Algemene Ledenvergadering op 6 april en de brede informatiebijeenkomst van 20 april hebben wij onze dorpsgenoten kond gedaan van de actuele stand van de vele zaken die in ons gebied spelen. 

Daarbij is ook aandacht besteed aan de belangrijke rol die de gemeente bij veel van die ontwikkelingen zou moeten spelen, een rol die zij helaas (op de meeste punten) al tijden niet waarmaakt. Zo is er geen voortgang op de ontwikkelingen die als potenties in onze Dorpsvisie, en later in de Gebiedsvisie Tjuchem-Steendam-Schildmeer staan verwoord.

Sinds juni hebben we een nieuw College van B&W in onze gemeente. Belangrijke ‘contactwethouder’ binnen dat nieuwe bestuur is geworden Markus Ploeger, de lijsttrekker van Gemeentebelangen MG. Hij is – naast wethouder op diverse inhoudelijke portefeuilles – ook dorpswethouder voor Steendam en de andere dorpen rond het Schildmeer, waar wij mee samenwerken.

We hebben bij wethouder Ploeger aan de ‘alarmbel’ getrokken over de gemeente als grote afwezige in de voortgang van afspraken m.b.t. ons gebied. Directe aanleiding nu is het recente bericht dat er een bouwvergunning is aangevraagd voor 106 recreatiewoningen aan de Damsterweg / Roegeweg.  over onze dorpsvisie en gebiedsvisie. Dit nu specifiek in directe relatie met de voorgenomen bouw van 106 recreatiewoningen: officiële bekendmakingen

Met onderstaande (cursieve) tekst – integraal overgenomen van de email die op 25 juli is verstuurd aan wethouder Ploeger – hebben we e.e.a. onder zijn aandacht gebracht. Dit met verzoek tot een live afspraak op korte termijn. Er is toegezegd dat direct na zijn vakantie de agenda’s zullen worden getrokken.

 

Geachte wethouder Ploeger,

 Ik gebruik een eerder aan u  – toen nog als lijsttrekker GBMG – toegezonden mail als ‘onderlegger’ voor dit bericht. Inmiddels bent u (o.m.) dorpswethouder in ons gebied en dat was op zich al reden genoeg voor onze besturen (dorpsvereniging, dorpscoöperatie en stichting Dorpshuis) om naar een kennismakend en informerend gesprek met u uit te zien.

Wij proberen al veel langer met de gemeente (secretaris, voorgaand college, ambtelijk apparaat) tot goede afspraken te komen over een integrale gebiedsgerichte visie en aanpak, in vruchtbare combi met en pro-actieve betrokkenheid van de bewoners van het gebied. 

Er spelen in onze omgeving (uw dorpen dus) vele ontwikkelingen en ontwikkelingskansen die een integrale benadering vragen. Aan bewonerskant zijn we daar (al langer) klaar voor en ook liggen er al vele ‘hapklare brokken’ om in samenhang en samengang het woon- leef- en recreatieklimaat op een bij het gebied passende wijze groene (en blauwe) toekomst te geven.  Om er enkele te noemen:

  • Dorpsvisie Steendam 2020 – 2030
  • Gebiedsvisie Tjuchem – Steendam – Schildmeer
  • Nieuwbouw Dorpshuis Kaap Steendam
  • Kultuureiland Damsterplas
  • Toukomstproject De Barst
  • Plannen ondernemer Rudi van Oosten
  • Innovatie Werkplaats Groeningen in Hellum
  • Samenwerking 6 Schilddorpen (Siddeburen-Hellum-Schildwolde-Overschild-Tjuchem-Steendam).
  • N33-nadere bezinning / alternatieven.

Wellicht is u dat al in uw voorbije raadsperiode ter ore gekomen, maar wij hebben als dorpsgemeenschap eerder en meermaals ons constructieve visitekaartje afgegeven bij de gemeente. Dat dit ook (h)erkend wordt mag blijken uit o.m. de hoge bezoeken uit de Randstad die ons in 2020 en 2021 te beurt zijn gevallen. 

Ook/zelfs in deze vakantieperiode zijn er steeds voldoende bestuurders aan onze kant aanwezig om een ‘goed gesprek’ met u te hebben. 

Sterker nog, wij hopen dat u op zeer korte termijn gelegenheid hebt om met ons aan tafel te gaan. Die urgentie wordt nu met name ingegeven door de recente informatie die wij hebben ontvangen over de voorgenomen realisatie van maar liefst 106 recreatiewoningen (tegen ons kleine dorp aan). 

Die bouw is niet eerder met ons als dorp gecommuniceerd, maar (b)lijkt al een gelopen koers c.q. fait accompli te zijn. Dit o.b.v. een ‘eeuwenoud’ bestemmingsplan, waarvan maar weinigen hier het bestaan nog kenden (als al). 

Dit is dus voor ons een soort overval. Daar komt bij dat de sporen ervan niet overeenkomen met de wensen/visie zoals beschreven in onze dorpsvisie Steendam en gebiedsvisie Tjuchem-Steendam, welke laatste zelfs in opdracht van de gemeente tot stand is gekomen.

 

U weet vast als geen ander wat er in het Collegeprogramma 2022 – 2026 staat verwoord. Toch hieronder enige citaten van zaken die ons als dorpsgemeenschap(pen) in het bijzonder aanspreken.

  • De inwoner staat centraal: voor al het beleid dat we formuleren geldt dat we uitgaan van het perspectief van de inwoner. We zorgen dat het altijd duidelijk is voor de bewoner waar deze aan toe is. 
  • Prettige woon-, werk- en leefomgeving: We houden bij beslissingen rekening met de gevolgen op de leefomgeving, zodat het voor toekomstige generaties ook fijn wonen en werken is in onze mooie gemeente.
  • Gebiedsgericht werken en participatie: we willen dat de gemeente in dorpen en wijken niet alleen een bestuurlijk gezicht heeft, maar ook een ambtelijk gezicht. De gemeente moet aanspreekbaar en bekend zijn. Het vertrouwen in het openbaar bestuur moet terug. We zetten daarom het dorps- en wijkwethouderschap voort. Iedere wethouder heeft een aantal dorpen en wijken onder de aandacht. 

Hierin lijkt de gemeente – in al haar geledingen (en in ieder geval in ons gebied) – nog flink wat meters te moeten maken. Ook daarover komen wij graag met u in gesprek, om onze betrokkenheid en ideeën daarover te verhelderen.

 

Wij hopen met voorrang van u te mogen vernemen.

 

Met MG-groet, namens alle bestuurders van de gemeenschap Steendam

________________________________________________________________________________

Uiteraard gaan we jullie op de hoogte houden van het vervolg. Maar, mocht je al eerder behoefte hebben aan nadere informatie/toelichting, aarzel dan niet en schiet een van onze bestuursleden aan. Of kom naar de gezellige dorpsborrel, elke laatste zaterdag van de maand vanaf 16.30 uur.

: zie

Centrumplannen update 21 juli 2022

Op 21 juli hebben we een vervolg bijeenkomst gehouden omtrent de ontwikkelingen van ons toekomstige centrum. Wij willen wel, maar het lijkt wel of er steeds weer apen en beren op onze weg er naar toe gegooid worden. We zijn druk doende deze objecten op een goede en vooral constructieve manier te verwijderen. Het ziet er naar uit dat we veel bereiken. Naast de presentatie zijn deze avond ook de “wie doet wat en wie heeft tijd” bij de verschillende fases in de aanloop naar continuering gezet. Wil je ook meedenken, stuur dan een mail naar DVS